Miljoenengift Rijksmuseum past in essentiële trend voor Nederlandse musea

De recente miljoenengift Rijksmuseum van 60 miljoen euro is uitzonderlijk in omvang, maar past wel binnen een bredere trend. Steeds meer Nederlandse musea zijn afhankelijk van grote particuliere schenkingen om financieel gezond te blijven. Dat zegt Rijksmuseum-directeur Taco Dibbits, die benadrukt dat dit soort donaties inmiddels essentieel is voor het voortbestaan van musea.
Musea onder financiële druk
Nederlandse musea hebben het al jaren financieel zwaar. Stijgende kosten door inflatie en oplopende energieprijzen zetten de sector onder druk, terwijl subsidies niet meegroeien. Volgens Dibbits is fondsenwerving daarom cruciaal geworden. “Om overeind te blijven, moeten musea actief op zoek naar schenkers. Zonder hen wordt het steeds moeilijker om te blijven vernieuwen.”
De miljoenengift Rijksmuseum is volgens hem een duidelijk voorbeeld van hoe particuliere steun musea kan helpen om grote projecten mogelijk te maken.
Particuliere schenkingen nemen toe
Ook de Museumvereniging ziet dat particuliere bijdragen steeds belangrijker worden. Directeur Vera Carasso wijst erop dat subsidies en kaartverkoop voldoende zijn voor de basis, maar niet voor innovatie. “Extra geld van particulieren is nodig voor vernieuwing. We zien bovendien dat mensen vaker schenken bij leven, maar ook via nalatenschappen, mede door de vergrijzing.”
Schenkingen aan musea zijn overigens niet nieuw. Dibbits benadrukt dat het Rijksmuseum historisch gezien is opgebouwd dankzij donateurs. “Zonder schenkers zou onze collectie er heel anders uitzien.”
Grootste giften aan Nederlandse musea
De miljoenengift Rijksmuseum hoort thuis in een rij van opvallende donaties aan culturele instellingen:
- 2024: 80 miljoen euro aan Museum Boijmans Van Beuningen
- 2025: 60 miljoen euro aan het Rijksmuseum
- 2023: 38 miljoen euro aan het Nederlands Fotomuseum
- 2023: 12,5 miljoen euro aan het Rijksmuseum
Kleine musea profiteren minder
Voor kleinere musea zijn zulke bedragen vaak onbereikbaar. Anne de Haij, directeur van het Stedelijk Museum Schiedam, erkent dat met gemengde gevoelens. “Natuurlijk droom je van zo’n gift, maar ik ben vooral blij dat kunst en cultuur gesteund worden. Hopelijk inspireert de miljoenengift Rijksmuseum ook mensen om kleinere musea te helpen.”
Grote musea beschikken vaak over speciale fondsenwervers, iets wat voor kleinere instellingen financieel lastig is. Daardoor ontstaat volgens De Haij soms een ‘winner takes it all’-effect.
Onafhankelijkheid blijft cruciaal
De vraag of grote schenkingen de onafhankelijkheid van musea aantasten, wordt regelmatig gesteld. Dibbits ziet dat risico niet. “De schenker bepaalt niet. Wij beslissen hoe het geld wordt besteed. Onafhankelijkheid is essentieel.”
Ook De Haij deelt die visie. “Wij zijn een publieke instelling. Donateurs hebben geen inhoudelijke invloed op ons beleid.” Wel waarschuwt de Museumvereniging dat de groeiende afhankelijkheid van particuliere giften kwetsbaar kan zijn, juist omdat overheidssteun in Nederland relatief laag is.








